2016: werkgevers over arbeidsomstandigheden

In juni/juli 2016 zijn in het kader van het programma Arbeid in Zorg en Welzijn (zie artikel “Onderzoekprogramma Arbeid in Zorg en Welzijn“) bij 1145 werkgevers interviews afgenomen.
We publiceren hier de resultaten van het onderzoek over werkdruk, agressie & geweld, en scholing.
 
Werkdruk
  • Meer dan de helft van de werkgevers geeft aan dat de werkdruk is toegenomen. In de ziekenhuizen geldt dat zelfs voor ong. 75% van de werkgevers.
  • De stijging van de werkdruk leidt tot klachten van het personeel (22%), een hoger ziekteverzuim (15%) en overwerk (13%). Werkdruk komt o.a. door bezuinigen en efficiënter werken met minder medewerkers. Bovendien wordt de zorgvraag intensiever, complexer en anders.
  • Daarnaast stellen opdrachtgevers en financiers meer eisen en zijn ouders en cliënten veeleisender geworden.
  • Medewerkers worden meer belast door ziekteverzuim en het inwerken van nieuw personeel.
  • Maatregelen om de werkdruk te verminderen, hebben vooral betrekking op het aantrekken van extra personeel (16%), werkprocessen efficiënter vormgeven (13%) en het bespreekbaar maken van werkdruk (12%).
  • Ook wordt ingezet op (preventieve) verzuimbegeleiding, scholing & training, het veranderen van de werkverdeling en het stellen van prioriteiten in het werk.
  • Er wordt meer geprobeerd om vrijwilligers en het sociaal netwerk te betrekken, cliënten meer zelf te laten doen en de dienstverlening aan te passen.
Agressie en geweld
Agressie en geweld komen het meest voor in de ziekenhuizen, de GGZ, en de gehandicaptenzorg (alle drie 89%), en de VVT (67%). Agressie en geweld zijn in een jaar het meest gestegen in de GGZ (41%).
De belangrijkste maatregelen zijn het bespreekbaar maken van agressie (91%) en het maken van werkafspraken (88%). De gehandicaptenzorg lijkt daarin een voorloper, direct gevolgd door de GGZ.
Ook geven werkgevers aan dat medewerkers diverse trainingen hebben gevolgd over het omgaan met agressie en weerbaarheid.
 
Scholing

  • Bijscholing had bij meer dan een kwart van de werkgevers betrekking op veiligheid.
  • Daarnaast geven werkgevers aan dat er veel trainingen zijn geweest over vakinhoudelijke competenties en medisch-technische vaardigheden.
  • Ook zijn vakinhoudelijke begeleiding en omgang met cliënten, en communicatie met cliënten en ouders regelmatig onderwerp van training. Bijscholing heeft ook plaatsgevonden in reflectieve vaardigheden en professionele autonomie.
  • Opscholing gebeurt het meest in ziekenhuizen (80%) en de VVT (81%). Bij ziekenhuizen gaat het vooral om opscholing van mbo naar hbo niveau en in de VVT relatief vaker om opscholing van mbo 2 naar mbo 3 en van mbo 3 naar mbo 4 niveau.
  • Bijna een vijfde van de werkgevers – behalve in de VVT – noemt ook andere vormen van opscholing n.l. opscholing van hbo naar hbo+.
  • De werkgevers in de VVT noemen daarentegen diverse varianten van opscholing zoals mbo 3 naar mbo 3+, via specialistische of verdiepende scholing.
    In de GGZ vindt regelmatig opscholing van wo naar wo+ plaats, bijvoorbeeld via de opleiding tot klinisch psycholoog.