Kinder- en jeugdpsychiatrie

De Inspectie Gezondheidszorg (IGZ) heeft in 2001 een onderzoek uitgevoerd bij zeven klinieken voor kinder- en jeugdpsychiatrie. De belangrijkste conclusie was dat de zorg onvoldoende was georganiseerd op grond van de Kwaliteitswet zorginstellingen, gebaseerd op de volgende bevindingen:

  • De patiëntgerichtheid was niet geborgd op basis van zorgvraaganalyses.
  • De doeltreffendheid van de zorg werd niet onderzocht.
  • Het psychofarmacabeleid was van onvoldoende kwaliteit.
  • De doelmatigheid van de zorg liet te wensen over.
  • De patiëntgerichtheid bij de uitvoering van de Wet Bopz was niet goed geregeld.
  • De medezeggenschap van kinderen, jeugdigen en ouders was onder de maat.

Sinds 2001 heeft de kinder- en jeugdpsychiatrische sector zich verder professioneel ontwikkeld, wat moet leiden tot een verdere verbetering van de kwaliteit van de zorg. Voor de inspectie was dit aanleiding om opnieuw onderzoek uit te voeren naar de kinder- en jeugdpsychiatrische sector.

Kinderen en jeugdigen die opgenomen zijn in een klinische psychiatrische voorziening lopen risico op gezondheidschade door:

  1. Onzorgvuldig insluitingsbeleid (separeren, afzonderen of anderszins opsluiten), waarbij onvoldoende aandacht is voor het reduceren van insluitingen.
  2. Kwalitatief onvoldoende psychofarmacabeleid.
  3. Ontbreken van een eenduidige visie op bejegening/opvoeding en behandelingsmogelijkheden.