Niveau van de (beginnende) verpleegkundige

Door veranderingen in de zorg (zie artikel “Veranderingen in de zorg“), veranderen de omstandigheden waaronder verpleegkundigen hun werk moeten doen. De vraag is of ook het niveau van de beginnende verpleegkundige zou moeten veranderen. Managers vinden dat beginnend verpleegkundigen op een hoger niveau hun werk moeten kunnen uitvoeren dan enkele jaren geleden, omdat het werk hogere eisen stelt. Verpleegkundigen moeten hun werk snel, zelfstandig, vraaggericht en flexibel kunnen uitvoeren. Bovendien moeten ze prioriteiten kunnen stellen, nieuwe dingen snel oppakken en de gehele zorgketen overzien.

In de algemene ziekenhuizen bestaat het beeld dat het niveau van de beginnende verpleegkundige daalt en het niveau van het werk stijgt. Anders gezegd: het niveau van de beginnend verpleegkundige blijft achter bij de eisen die in de praktijk aan het werk worden gesteld. Dat geldt ook voor de bagage waarover verpleegkundigen moeten beschikken. Uit de interviews blijkt dat gedegen kennis van anatomie, fysiologie en pathologie essentieel is om een goede gesprekspartner te zijn voor artsen. De verpleegkundige zal zich moeten kunnen profileren als deskundig zorgverlener.

Rollen
De verpleegkundige heeft verschillende rollen, die veranderen door ontwikkelingen in de zorg. Die rollen liggen in de domeinen zorg, organisatie van zorg en beroep.

Zorg
In dit domein is sprake van twee rollen: zorgverlener en regisseur. Voor de rol als zorgverlener komt door de kortere ligduur en de complexere patiëntenpopulatie er meer op een beginnend verpleegkundige af dan voorheen. Gemakkelijke beginnerspatiënten zijn er nauwelijks meer. De aard en intensiteit van de regisseursrol neemt belangrijk toe. Het wordt steeds duidelijker dat het ziekenhuis onderdeel van de totale zorgketen is. De verpleegkundige moet daarom kunnen optreden als casemanager van de patiënt en samenwerken met bv. verpleeg- en verzorgingshuizen, huisartsen en de familie van de patiënt.

Organisatie van zorg
De rollen in dit domein zijn ontwerper en coach. Het ontwikkelen van werkprocedures, routines en improvisaties geldt voor ontwerper. De beginnend verpleegkundige zal vaker en sneller in staat moeten zijn om inhoud en organisatie van het zorgaanbod te veranderen. Zij moeten uit de voeten kunnen met organisatievernieuwingen. Dit vraagt om een flexibele en daadkrachtige instelling. De rol van coach is vooral het geven en ontvangen van feedback. Zorg wordt veelal multidisciplinair georganiseerd, waarbij feedback geven en ontvangen onmisbaar is. Dit geldt ook voor de relatie met patiënten, die steeds meer regisseur zijn van hun eigen zorgtraject. Het vraaggerichte werken in combinatie met het sturen op zelfredzaamheid en regie over het eigen leven, zijn elementen waarbij een verpleegkundige ook een coachende rol zal vervullen.

Beroep
De rol als beroepsbeoefenaar heeft vooral betrekking op professionalisering en innovatie. Ook beginnend verpleegkundigen zijn verantwoordelijk voor het zelf op peil houden van de eigen deskundigheid. In algemene ziekenhuizen wordt verwacht dat men, na een korte inwerkperiode, snel zelfstandig kan werken. Zelfstandig nieuwe dingen eigen maken en implementeren in het dagelijkse werk, worden de komende jaren belangrijke kwaliteiten. Die zijn ook bruikbaar bij de invoering van zelfsturende teams van verpleegkundigen. Het zijn juist deze kwaliteiten die maken dat verpleegkundigen mee kunnen blijven doen, omdat het hen in staat stelt de snelheid en onvoorspelbaarheid van het werk op te vangen.