De minister van VWS streeft er naar om op 1 januari 2013 een Kwaliteitsinstituut voor de zorg te openen, dat de kwaliteit in de curatieve en langdurige zorg inzichtelijk maakt voor burgers en professionals, Inspectie voor de Gezondheidszorg en verzekeraars. De minister wil onderzoeken of het Kwaliteitsinstituut op den duur ook van betekenis kan zijn voor de Jeugdzorg en de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo).
In een brief aan de Tweede Kamer d.d. 14 juni 2011, waarin dit wordt medegedeeld, wordt er op gewezen, dat om te zorgen dat burgers ook inderdaad kunnen zien waar de beste zorg te krijgen is, er veel meer moet worden samengewerkt. Zorgaanbieders, zorgverzekeraars en cliënten moeten daartoe samen standaarden ontwikkelen waaraan de zorg moet voldoen. Tot nu toe kon iedere beroepsgroep naar eigen inzicht invulling geven aan het begrip kwaliteit, zodat nog samenhang ontbreekt. Om dat te bereiken is één gezamenlijk kader nodig.
Het doel is één kader voor kwaliteit waarin patiëntgerichtheid, veiligheid, tijdigheid, transparantie, doelmatigheid en doeltreffendheid van zorg in samenhang worden bezien en waar artsen, verplegenden, verzorgenden en cliënten mee uit de voeten kunnen. Met behulp van dat kader en de toepassing in de praktijk:
Het kwaliteitsinstituut gaat de ontwikkeling van een kwaliteitskader ondersteunen door uitgangspunten te formuleren waaraan standaarden moeten voldoen en de sectoren ondersteunen bij de ontwikkeling en invoering. Extra aandacht zal er zijn voor de inbreng van patiënten en cliënten én van verplegenden en verzorgenden.
Bestaande organisaties, die zich bezighouden met kwaliteit, worden gebundeld in het Kwaliteitsinstituut en geïntegreerd in het College voor zorgverzekeringen. Het Kwaliteitsinstituut zal vanaf de start een flexibele, toegankelijke organisatie zijn. De minister wil met partijen in het veld alvast aan de slag om proefondervindelijk na te gaan hoe zorgstandaarden kunnen worden opgezet, partijen ondersteund en voorbeelden kunnen stimuleren tot verbetering.
Bevoegdheden
In een bijlage bij de brief aan de Tweede Kamer worden de volgende bevoegdheden van het Kwaliteitsinstituut genoemd:
De bevoegdheden worden wettelijk verankerd. De toepassing van de bevoegdheden gebeurt altijd in overleg met veldpartijen.