Veilige publieke taak 2011-2015

Op 8 juli 2011 zond de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) – samen met de minister van Veiligheid en Justitie (V&J) – een brief aan de Tweede Kamer, waarin wordt aangegeven hoe de aanpak van agressie en geweld tegen werknemers met een publieke taak door dit kabinet wordt voortgezet en geïntensiveerd in de periode 2011 tot 2015.

De brief geeft een compleet programma voor de komende jaren aan, dat wij hier samenvatten. Daarnaast geeft een brief een dadergerichte aanpak met aandacht voor de strafrechtelijke maatregelen naast de maatregelen vanuit de werkgever en openbaar bestuur. (Zie artikel Dadergerichte aanpak geweld en agressie.)

Uitgangspunten

  • Voor het programma 2007 – 2011 (zie Jaarboek Werknemers bij de Overheid, edities 2007-2010) golden de volgende uitgangspunten:
  • Agressie en geweld wordt nooit getolereerd en mag nimmer lonen;
  • Aan het gedrag van derden worden grenzen gesteld en bij overschrijding hiervan volgt altijd een    reactie, er vindt registratie plaats en de schade wordt verhaald op de dader;
  • Agressie en geweld is nimmer ‘onderdeel van het werk’. Bepaalde beroepsgroepen kunnen – gelet op de aard van hun publieke taak – in situaties geraken waar agressie en geweld is;
  • Werkgevers zijn verantwoordelijk voor het beschermen van hun werknemers.
  • Deze uitgangspunten blijven ook van kracht bij het vervolgprogramma 2011-2015. Hieraan worden de volgende punten toegevoegd:
  • Voor aanpak van agressie en geweld is meer regionale en lokale samenwerking tussen werkgevers met een publieke taak, politie en Openbaar Ministerie van belang. Provincies, gemeenten – vooral de burgemeester – moeten een cruciale rol en verantwoordelijkheid in de aanpak krijgen en nemen.
  • Zo ontstaan mogelijkheden op ander dan het strafrechtelijk vlak, zoals civiel- en bestuursrechtelijke maatregelen (bijvoorbeeld waarschuwing/pandverbod). Een stapeling van incidenten (c.q. reacties) die op zich nog niet aangifterijp zijn, kan op den duur wel leiden tot aangifte.
  • Meer aandacht om agressie en geweld te voorkomen.
  • Een duurzame borging van het normaliseren van de aanpak binnen organisaties en binnen de keten van werkgevers tot en met Openbaar Ministerie.
  • Het programma Veilige Publieke Taak heeft de afgelopen jaren een regierol vervuld om bewustwording en uniformiteit in de aanpak en samenwerking aan te jagen bij werknemers, werkgevers en ketenpartners. Het programma blijft deze rol vervullen en dient ervoor te zorgen dat er een betere aansluiting van het strafrechtelijke circuit (politie en Openbaar Ministerie) met het niet-strafrechtelijke circuit (lokaal bestuur, werkgevers en werknemers) tot stand komt.