Wat zijn Bedrijfscommissies?

Algemeen

Bedrijfscommissies zijn door de Sociaal Economische Raad (SER) ingesteld. Hun taak is het OR-zaken te behandelen. Bedrijfscommissies zijn samengesteld uit evenveel vertegenwoordigers van werkgevers- als van werknemersorganisaties.

De procedure om een bedrijfscommissie bij een bepaalde zaak in te schakelen is eenvoudig. De kwestie wordt in een brief aan de bedrijfscommissie voorgelegd, waarin duidelijk wordt aangegeven wat van de bedrijfscommissie wordt gevraagd en op grond van welk artikel van de WOR. Ook is het van belang een chronologisch overzicht te geven van de stukken (notulen, uitgewisselde stukken en dergelijke) die betrekking hebben op de voorgelegde kwestie. De bedrijfscommissies kunnen geen beslissingen nemen. Hun voornaamste taak is te bemiddelen en te adviseren bij geschillen over de naleving en de toepassing van de bepalingen in de Wet op de ondernemingsraden. Ook zonder bemiddeling van de bedrijfscommissie kan de OR zich direct wenden tot de kantonrechter.

Wie kan naar de bedrijfscommissie?

  • De directie en de ondernemingsraad over wat bij of krachtens de Wet op de ondernemingsraden is bepaald.
  • De leden van de ondernemingsraad (en de leden van een commissie van de raad) over de vrije uren voor onderling beraad en overleg en de vrije dagen voor scholing en vorming.
  • Kandidaten voor de ondernemingsraad, leden en ex leden van de ondernemingsraad en OR-commissies over mogelijke benadeling in zijn/haar positie in de instelling.
  • Vakorganisaties met leden in de instelling en representatief voor de instelling of bedrijfstak over de instelling van een ondernemingsraad (artikel 3 en 4 WOR).

Registratietaken
De bedrijfscommissies hebben diverse registratietaken op grond van de WOR. De SER is van oordeel dat een aantal daarvan afgeschaft kan worden, omdat zij geen duidelijk doel (meer) dienen.

Het betreft de registratie van het voorlopige OR-reglement, het OR-reglement, de wijziging(en) van het OR-reglement en het OR-jaarverslag. Wel blijft wenselijk dat ondernemingsraden worden gestimuleerd een jaarverslag op te stellen. Om inzicht te verkrijgen in het aantal functionerende ondernemingsraden en de kwaliteit daarvan, kunnen onderzoeksvragen meegegeven worden aan het ministerie van SZW voor het driejaarlijkse onderzoek naar de naleving van de WOR. Enkele registratieplichten moeten gehandhaafd blijven, zoals de registratie van het aanmelden en het opheffen van vrijwillig ingestelde ondernemingsraden ex art. 5a WOR en van ondernemingsovereenkomsten ex art. 32 WOR.