Wet BIG

De Wet op de beroepen in de individuele gezondheidszorg (de Wet BIG) heeft tot doel de kwaliteit van de beroepsuitoefening te bevorderen en de patiënt te beschermen tegen ondeskundig handelen door beroepsbeoefenaren. De wet is gericht op de individuele gezondheidszorg, dat wil zeggen de zorg die rechtstreeks gericht is op de gezondheid van een persoon.

De Wet BIG kent de volgende onderdelen:

  1. Titelbescherming en registratie.
  2. Regeling van specialismen.
  3. Voorbehouden handelingen.
  4. Tuchtrecht.

Voor een uitvoerige omschrijving van deze bepalingen en de geschiedenis van de wet verwijzen wij naar het Jaarboek werknemers in de zorg 1996 en 1997.

1. Titelbescherming en registratie
De Wet BIG omschrijft een systeem van registratie en titelbescherming (artikel 3). De beroepen die in de Wet BIG worden genoemd zijn:

  • arts
  • tandarts
  • apotheker
  • gezondheidspsycholoog
  • psychotherapeut
  • fysiotherapeut
  • verloskundige
  • verpleegkundige.