Wettelijk recht op wijkverpleegkundige zorg

De wijkverpleegkundige wordt vanaf 2015 in het basispakket van de zorgverzekeringswet opgenomen.

Mensen kunnen vanaf 2015 rechtstreeks of vla hun hulsarts, Wmo-loket of gezondheidscentrum In contact komen met een wijkverpleegkundige. Zij helpt cliënten bij het beoordelen van wat ze nodig hebben aan verpleegkundige zorg om langer thuis te kunnen wonen. De wijkverpleegkundige hoeft niet altijd daadwerkelijk zelf de zorg te verlenen. Deze kan ook verleend worden door een verpleegkundige of verzorgende. De wijkverpleegkundige coördineert alle zorg rondom de cliënt en stemt af met andere hulpverleners, zoals de huisarts, medisch specialist en de maatschappelijk werker.

De wet met deze nieuwe aanspraak op wijkverpleging is begin maart 2014 naar de Tweede Kamer gestuurd. De wijkverpleegkundige krijgt net als de huisarts een centrale plek in de wijk. Er gaat ongeveer € 3 miljard via de Zorgverzekeringswet naar de wijkverpleging.

De wijkverpleegkundigen krijgen de ruimte om zelf in te schatten hoeveel tijd er nodig is voor een cliënt, zo komt er ook ruimte voor hun professionaliteit.

De beroepsgroep voor verpleegkundigen en verzorgenden Nederland (V&VN) ontwikkelt een richtlijn waarin wordt omschreven hoe een wijkverpleegkundige beoordeelt wat een cliënt aan zorg nodig heeft en hoe de aansluiting met gemeentelijke ondersteuning in praktijk vorm kan krijgen.

Begin maart 2014 werden getuigschriften uitgereikt aan 13 ambassadeurs van de wijkverpleegkundige. Zij gaan het land in om wijkverpleging nieuwe stijl aan te bevelen en collega’s te ondersteunen in het vormgeven van wijkverpleging.